Kijk je naar het dashboard van een Kia Picanto of Volkswagen Up, dan zie je een snelheidsmeter die oploopt tot wel 220 km/u. Opmerkelijk, want met minder dan 100 pk zijn deze auto’s bij lange na niet in staat zulke snelheden te halen. Toch kiezen autofabrikanten bewust voor deze ogenschijnlijk overdreven snelheidsaanduidingen. Waarom?
Een van de belangrijkste redenen is de positionering van de meest gebruikte snelheden. Fabrikanten willen dat snelheden tussen de 100 en 130 km/u – het bereik waarin het grootste deel van autoritten plaatsvindt – zich precies in het midden van de wijzerplaat bevinden. Om dit optisch symmetrisch te laten ogen, wordt de rest van de schaal aangevuld, soms tot snelheden die praktisch onhaalbaar zijn voor het betreffende model.
Daarnaast speelt prestige een rol. Een snelheidsmeter die stopt bij 140 km/u straalt weinig kracht uit, zeker als de werkelijke topsnelheid net iets daarboven ligt. Sommige merken kiezen er juist bewust voor om extreem hoge snelheden te tonen, puur om de indruk te wekken dat het om een sportieve auto gaat.
Ook praktische overwegingen wegen mee. Het is goedkoper om één universeel dashboard te gebruiken voor meerdere modellen, dan om voor elk type een aparte snelheidsmeter te ontwerpen. Hierdoor kunnen dezelfde meters in verschillende uitvoeringen worden geplaatst, ongeacht de werkelijke prestaties van de auto.
Toch is niet iedereen blij met deze praktijk. Verkeersveiligheidsexperts waarschuwen dat jonge of onervaren bestuurders zich juist uitgedaagd kunnen voelen om de maximale snelheid op de meter te bereiken. In de Verenigde Staten leidde dit eind jaren ’70 tot een verbod op snelheidsmeters boven de 85 mph (ca. 137 km/u). Dat verbod was van korte duur, maar toonde wel aan dat de discussie leeft.
In Europa gelden minder strikte regels. Wel moet de snelheidsmeter altijd minimaal de werkelijke topsnelheid kunnen aangeven. Voor snelheden tot 200 km/u moet er elke 20 km/u een markering staan; daarboven mag dat per 30 km/u. Een maximale grens voor wat er op de meter mag staan, is er niet.
Sommige fabrikanten gaan een stap verder en begrenzen de werkelijke topsnelheid van hun auto's. Volvo was in 2020 de eerste die alle modellen beperkte tot 180 km/u, met als doel het aantal verkeersdoden te verminderen. Dacia volgde dit voorbeeld in 2023 met dezelfde snelheidslimiet.
De hoge snelheden op het dashboard van compacte auto’s zijn dus geen toeval of fout. Ze zijn het resultaat van een combinatie van designoverwegingen, kostenbesparing, merkpositionering en wetgeving. Toch blijft het belangrijk dat autofabrikanten ook nadenken over de mogelijke impact op verkeersveiligheid.
Bron: AD.nl / AutoWeek.nl
Meepraten of reageren? Dat kan natuurlijk! Log in of Maak een gratis account aan